nee, echt. het was het allemaal waard. drie maal negen maanden voorpret, zonder noemenswaardige klachten. die paar dingetjes die ik had, sterk uitvergroot om zo af en toe toch iets van meelij op te wekken. drie maal een bevalling in de categorie ‘whoops there it is’. met een kleine (ahum vooruit grote) aderlating bij de tweede, maar ook daar waren we weer snel bovenop. daarna werd het een tikkie zwaarder, vijf jaar lang geen ononderbroken nachtrust. ook dat lijkt min of meer achter de rug. en nu, drie paar zoekende ogen op het schoolplein wachtend op mama, drie paar billen vechtend om een plekje op mijn schoot, drie natte kusjes, wel tien keer op een dag, drie paar betraande wangen vragend om troost, drie paar schoentjes vol verwachting voor de haard en drie schaterende lachjes stoeiend met papa.
maar dan komt het dilemma. waarom geen vier paar stralende oogjes? waarom geen vier keer negen maanden voorpret? wanneer zijn we compleet? en hoe weet je wanneer je klaar bent, als je leefdtijd nog geen parten speelt?
hoewel niets in mij nog zin heeft in negen maanden voorpret (maar ook negen maanden zorgen, een jaar babygekrijs dat door merg en been gaat en dat als een soort fantoomgeluid nog steeds naebt in mijn hoofd, nog eens minimaal twee jaar (gemiddeld genomen) nachtelijks ontwaken uit een diepe coma omdat er gedronken moet worden, knuffels/spenen onvindbaar zijn, het te koud is, te warm, te licht of te donker is, waardoor überhaupt de energie ontbreekt die nodig is voor ‘the making of’ baby vier, na vijf jaar gejojo eindelijk weer een acceptabel gewicht, flesjes/hapjes of slaapjes waar alle uitjes op aangepast dienen te worden, gegis wat er nu weer loos is op basis van het type huiltje) is er toch een heel miezerig klein stemmetje dat me tegenhoudt om definitieve maatregelen te nemen ter voorkoming van dit eigenlijk niet noemenswaardig ‘leed’.
voor manlief is het duidelijk, hij zou het liefst vandaag nog een knoop in zijn handeltje laten leggen. maar ik ben hier nog niet helemaal uit. iets kapot maken dat goed functioneert zit niet in mijn aard. en bovendien, stel nou dat mij iets zou gebeuren, hoe moet dat dan met zijn tweede leg?

Spread the word